Het nut van e-boeken en luisterboeken voor onderzoekers

E-boeken en luisterboeken zijn vaste prik voor veel mensen die van lezen houden. En hoewel de voorgangers van deze media langer teruggaan dan je vermoedelijk op het eerste gezicht denkt, zijn ze in de afgelopen twee decennia razend populair geworden.1 En dat is niet echt verrassend. Want het gemak om een berg boeken tot je beschikking te hebben waar je ook bent en vaak op een apparaat dat je toch wel mee had genomen, is onmiskenbaar. Zoals degene van jullie die de Bildungblocks­-nieuwsbrief ontvangen al weten, ben ik sinds vorige zomer in hoog tempo de rest van mijn reeds belabberde zicht aan het kwijtraken. En dat maakt het leeswerk voor deze blogs nogal ingewikkeld, zoals je je kunt voorstellen! Vandaar dat ik sinds enkele weken een e-reader gebruik die aan mij gegeven was door een meelevend familielid. Want op dit apparaat kan ik de letters zo groot maken als ik wil en ze laten weergeven met hoog contrast. En ik ben er mij al te bewust van dat vroeger of later de meeste van mijn leesactiviteiten beperkt zullen zijn tot luisterboeken. Deze kwesties brachten mij tot de vraag die we vandaag bespreken: hoe nuttig zijn e-boeken en luisterboeken voor het doen van onderzoek in vergelijking met hun gedrukte evenknieën?

Er is natuurlijk al een hoop inkt – digitaal of anderszins – gevloeid over e-boeken en luisterboeken: van hun groeiende vanzelfsprekendheid bij uitgevers en het lezende publiek, tot de manier waarop ons brein op deze manier gepresenteerde informatie verwerkt.2 Ik zal dit hier niet dunnetjes overdoen. In plaats daarvan richt ik mij op de praktische kanten van deze digitale dragers van het geschreven woord waar het aankomt op onderzoek doen. Specifiek wat betreft mensen die, zoals ik, afhankelijk van ze zijn om zich onledig te houden met geleerde werken en andere vormen van onderzoekingen waarbij verwijzingen en voetnoten van levensbelang zijn, metaforisch dan toch.

Dit blog is ook beschikbaar in het Engels.

E-boeken

Je vraagt je nu misschien af of e-boeken eigenlijk wel écht verschillend zijn bij hun gebruik voor geannoteerde onderzoekingen dan boeken waarvoor men inkt op dode bomen drukt. Zijn dit immers niet gewoon boeken, maar waarbij je de gebruikelijke letters, zinnen en hoofdstukken op een scherm leest in plaats van op papier? En dit is waar, tot op zekere hoogte. Maar net als e-boeken bepaalde voordelen hebben ten opzichte van traditionele boeken, zijn er ook nadelen die hun papieren tegenhangers hebben weten te vermijden. Deze nadelen hebben vooral van doen met de gebruikelijke bestandstypes en sommige van de huidige gewoonten in het uitgeverijenwezen.

De boeken op je e-reader zullen voornamelijk zijn opgeslagen in twee bestandstypen: .epub en .pdf.3 Zoals de afkorting al aangeeft, zijn epub-bestanden specifiek geschikt voor je e-reader. Het zijn deze boeken die je zorgeloos kunt vergroten en lezen met een hoog contrast. Pdf-bestanden, aan de andere kant, zijn vaak niet op die manier duidelijker te maken. En als je om die reden probeert om een pdf-bestand om te zetten naar een epub, gooit dit regelmatig de lay-out overhoop – om nog maar te zwijgen van eventueel verminkte grafische elementen, zoals illustraties.4 (Iets wat extra vervelend is als je, net zoals elk weldenkend mens, geĂŻnteresseerd bent in oude schriftsystemen!) Daar komt nog bovenop dat veel van de boeken die je gedrukt kunt vinden in winkels, bibliotheken en die schattige boekuitwisselingshuisjes, slechts digitaal beschikbaar zijn in één van deze beide bestandstypen. En schrikbarend vaak is er ĂŒberhaupt geen digitale editie. Dit kan zelfs het geval zijn voor boeken die zijn uitgekomen sinds de populariteit van e-readers ongekende vormen aannam.

Dat laatste obstakel om je bildung voort te zetten met behulp van een e-reader raakt natuurlijk aan de reeds genoemde gewoonten in het uitgeverijenwezen. Als daadwerkelijke toegankelijkheid echt een prioriteit is, zouden boeken beschikbaar moeten worden gemaakt in alle vormen die mensen helpen met lezen. En in deze moderne wereld, kunnen e-boeken eigenlijk niet meer genegeerd worden. In ieder geval waar het gaat om non-fictieboeken, zouden alle edities ook aangepast dienen te zijn aan de noden van geleerden en onderzoekers. We zagen reeds dat epub-bestanden op e-readers toegankelijkheidsopties hebben die de meeste pdf-bestanden ontberen. Maar regelmatig zul je toch een pdf- of gedrukte versie moeten raadplegen, als die beschikbaar zijn, want e-readers laten in veel gevallen de oorspronkelijke paginanummers weg. Dus als je je druk maakt over verwijzingen en voetnoten – en dat is zeker geen koude drukte! – dan kun je je niet louter verlaten op een boek dat is opgeslagen als een epub. Als je tenminste nog steeds bij je exemplaar kan.

Want naast deze technische verbeteringen, zou het uitgeverijenwezen hun huidige bedrijfsmodel kunnen heroverwegen als het aankomt op onderzoek. Veel e-boekverkopers bieden namelijk alleen (tijdelijke) toegang aan tot hun waren. En soms verdwijnen boeken die ooit voorhanden waren simpelweg.5 Daarmee is het moeilijk om te verwijzen naar een min of meer permanente bron die latere lezers zelf kunnen raadplegen. (Net zoals bij het blog van vorig jaar over dode linkjes.) Daarnaast zijn sommige soorten epub-bestandstypen alleen uitleesbaar op een bepaald merk e-reader of binnen anderszins afgeschermde digitale omgevingen.6 Gedrukte wetenschappelijke literatuur kan natuurlijk niet op die manier weggesloten worden. En daartoe geëigende instituten overal ter wereld, zoals openbare en universiteitsbibliotheken, zorgen ervoor dat ze voldoende fysieke exemplaren bewaren voor het nageslacht. Hoewel beargumenteerd kan worden dat zelfs zulke ijverige instituten beter ondersteund kunnen worden door hun respectievelijke financiers bij het toegankelijk maken van de digitaal beschikbare wetenschappelijke literatuur.7

Luisterboeken

Luisterboeken zijn, schokkend genoeg, boeken die werken met geluid. In de meest elementaire zin wordt er een boek hardop voorgelezen aan de lezer. Meer nog dan bij e-boeken, draaien de wetenschappelijke discussies over luisterboeken om de vraag of het consumeren ervan vergeleken kan worden met het lezen van woorden op een pagina. En zulk vergelijkend onderzoek omvat vele aspecten: van het opslaan van de inhoud in ons geheugen tot onze neurologische ontwikkeling.8 Dat gezegd hebbende – en met het in acht nemen van de reĂ«le en forse verschillen – zien we toch dat onderzoekers e-boeken en audioboeken vaak in één adem noemen.9 En als we luisterboeken bekijken als onderzoekshulpmiddel, komen we een paar verrassend soortgelijke dilemma’s tegen.10

De vergelijkbare dilemma’s die zich onmiddellijk opdringen zijn, zoals je ongetwijfeld al geraden hebt, het gebrek aan paginanummers en de complicaties bij het overzetten van grafische elementen. Voor onderzoekers betekent dit dat een bron aanhalen of het gebruiken en begrijpen van illustraties, visuele verduidelijkingen en symbolen een ingewikkeld karwei is.11 Sommige van de gewoonten in het uitgeverijenwezen vormen eveneens hindernissen, zoals we dat bij e-boeken al zagen. Zo koopt men vaak alleen ook slechts toegang tot een luisterboek. Zodoende is het lastig om op een zodanige manier naar een bron te verwijzen dat de auteur en diens publiek deze kan raadplegen binnen een redelijke tijdspanne.12 Luisterboeken zijn daarentegen wel minder vaak gegijzeld door afgesloten digitale omgevingen, zoals dat soms bij e-boeken het geval was. Daarmee is het makkelijker, als mijn onderzoek hieromtrent niet al achterhaald is als je dit leest, om je luisterboeken die je als bron gebruikt op een eigen apparaat op te slaan en ze zo toegankelijk te houden voor jezelf en je lezers – althans, voor de lezers die dapper genoeg zijn om contact met je op te nemen! Tot slot zijn de moeilijkheden omtrent beschikbaarheid en toegankelijkheid, die ik al noemde bij e-boeken, net zo dringend en belangrijk bij luisterboeken.13 Een digitaal boek is daarmee door de bank genomen nog steeds een minder bereikbaar en rustig bezit dan een gedrukte editie.14

Conclusie: al de wegen die zomaar naar Rome leiden

Zoals men mag verwachten en hetgeen sowieso de norm zou moeten zijn, heb ik mijn e-reader een naam gegeven. Die naam is Homeros. Niet alleen omdat deze legendarische (en wellicht fictieve) dichter blind schijnt te zijn geweest, maar ook omdat het eerste boek dat ik erop las Emily Wilsons uitstekende vertaling van de Odyssee was, één van de epische gedichten die toegeschreven worden aan deze oude Griek.15 Gelukkig kan ik ook nog steeds mijn eigen, fysieke boeken lezen – al is het maar voor even. Want dankzij de beschikbare maatschappelijke ondersteuning kan ik nu gebruik maken van een beeldschermloep. Met dit apparaat kan ik de letters in mijn boek vergroten en in een hoog contrast-omgeving lezen, net als met Homeros de e-reader! Daarnaast kan ik ook belangrijke documenten en andere paperassen lezen die niet digitaal beschikbaar zijn. Met wat huisvlijt zijn we er daarnaast in geslaagd om een houten constructie te creĂ«ren waarmee ik de boeken die ik met de beeldschermloep lees moeiteloos open kan laten liggen terwijl ik aantekeningen maak voor deze blogs. Aldus kan ik nog steeds geleerde werken raadplegen zonder dat ik een e-boek of luisterboek nodig heb en ben ik nog niet compleet afhankelijk van deze formats en hun tekortkomingen.

Maar voor wanneer ik dat wel ben – en voor degenen die nu al de pech hebben dat zij erop moeten vertrouwen om te kunnen lezen – hoop ik dat de hierboven problemen snel opgelost worden. En dat is een minder hachelijke onderneming dan je aanvankelijk misschien zou denken.

Ten eerste zijn er al universele bestandstypen voor e-boeken voorgesteld die men vrij eenvoudig kan invoeren. En hierbij is ook rekening gehouden met allerlei aanpalende belangen, zoals het intellectuele eigendomsrecht.16 Soortgelijk haalbare oplossingen kunnen gevonden worden voor het overzetten en uitleesbaar maken van de grafische elementen uit gedrukte boeken voor e-boeken en – hoewel met iets meer te nemen hordes – luisterboeken.17 Daarnaast kan het breder beschikbaar maken van e-boeken en luisterboeken, alsmede ze beter vindbaar en toegankelijk maken, als een grotere prioriteit beschouwd worden door zowel uitgevers als bibliotheken.18 Ook de kwestie van de paginanummers kan worden opgelost. E-boeken kunnen (en doen dit soms al) de originele paginanummers in de kantlijn plaatsen, zoals Oxford University Press dat bijvoorbeeld ook doet als zij hun boeken opnieuw uitgeven in een standaard lay-out. En vergelijkbare kunstgrepen kunnen toegepast worden op audioboeken. Bij non-fictie kan het paginanummer dan standaard genoemd worden aan het begin van elke nieuwe pagina. En andere boeken, zo kan men zich voorstellen, kunnen geleverd worden met een aparte modus waarbij een geautomatiseerde stem de paginanummers noemt wanneer de lezer deze functie aanzet. Specifiek waar het aankomt op geleerde en andere wetenschappelijke werken spreken de voordelen van zulke mogelijkheden boekdelen – ja, dat was een woordgrap – en al helemaal als ze optioneel zijn.

Zoals ongetwijfeld al bij jullie is opgekomen, zijn e-boeken en audioboeken niet het enige digitale alternatief voor degenen die zich met de wetenschap en andere soorten onderzoek willen bezig houden terwijl zij in hun visuele functie beperkt zijn. Zo’n alternatief vinden we bijvoorbeeld ook in computerprogramma’s als Dragon Naturally Speaking, die eender welk documenten dat daartoe geschikt is hardop kunnen voorlezen. En dit soort programma’s zijn een eveneens een nuttig hulpmiddel bij zowel onderwijs als onderzoek.19 Maar ook hier is er een rol weggelegd voor het uitgeverijenwezen en anderen die een rol spelen bij het breder beschikbaar maken van alternatieven voor gedrukte boeken. Net als bij e-boeken en luisterboeken, kunnen deze partijen zich ervan vergewissen dat hun catalogi compatibel zijn met dit soort gebruik. Want het recht om te kunnen lezen zou stelselmatig en zoveel mogelijk alomvattend moeten worden vormgegeven, in plaats van de ad hoc beschikbaarheid die heden ten dage nog steeds veelal ervaren wordt door de mensen die zich moeten verlaten op digitale boeken in welke vorm dan ook.20 En als we hierin slagen, kan een nog groter deel van de mensheid (blijven) deelnemen aan de universele queeste voor meer kennis.

Schakel JavaScript in je browser in om dit formulier in te vullen.

Voetnoten

  1. RĂŒdiger Wischenbart, “Deposing the King of Content: Understanding the Shift Triggered by Audiobooks and Subscriptions”, Logos 2021, 32 (2), p. 29-30; K.T. Anuradha; H.S. Usha, “E‐books Access Models: An Analytical Comparative Study”, The Electronic Library 2006, 24 (5), p. 662-663. Luisterboeken en e-boeken die wij nog steeds als zodanig zouden beschouwen, gaan terug tot op zijn minst het midden van de vorige eeuw. Er was een hoop magneetband bij betrokken, zie: Steven J. Dick, “Ebooks”, in: August E. Grant Jennifer H. Meadows (red.), Communication Technology Update and Fundamentals (New York: Routledge, 2018), p. 252-261.
  2. Jessica E. Moyer, “Audiobooks and E-books: A Literature Review”, Reference & User Services Quarterly 2012, 51, (4), p. 340-354.
  3. Voor deze en andere bestandstypes, zie: Jan Engelen, “E-Books and Audiobooks: What about Their Accessibility?”, in: Klaus Miesenberger et al (red.), Computers Helping People with Special Needs, Part I: 12th International Conference, ICCHP 2010 (Vienna, Austria, July 14-16, 2010) (Heidelberg: Springer, 2010), p. 70.
  4. Goncu Cagatay & Kim Marriott, “Creating eBooks with Accessible Graphics Content”, in: Christine Vanoirbeek & Pierre Geneves (red.), Proceedings of the 2015 ACM Symposium on Document Engineering (New York: Association for Computing Machinery, 2015). p. 89.
  5. Laurens Verhagen & Pieter Sabel, “Uitgeschakeld na een Update”, deVolkskrant 11 september 2021, Boeken & Wetenschap, p. 4-6; Amy Kirchhoff, “eBooks: The Preservation Challenge”, Reference & User Services Quarterly 2012, 51 (4), p. 340-354.
  6. Paul Whitney & Christina Castell, Trade eBooks in Libraries: The Changing Landscape (Berlin: Walter de Gruyter, 2016), p. 42.
  7. Joelle Thomas & Galadriel Chilton, “Library E-Book Platforms Are Broken: Let’s Fix Them”, in: Suzanne M. Ward, Robert S. Freeman & Judith M. Nixon (red.), Academic E-Books: Publishers, Librarians, and Users (West Lafayette: Purdue University Press, 2016), p. 249-262; Elizabeth Jones, “Vending Vs Lending How Can Public Libraries Improve Access to eBooks within Their Collections?”, Public Library Quarterly 2021, 40 (3), p. 185-202; Christina Mune & Ann Agee, “Are E-Books for Everyone? An Evaluation of Academic E-Book Platforms’ Accessibility Features”, Journal of Electronic Resources Librarianship 2016, 28 (3), 172-182.
  8. Anisha Singh & Patricia A. Alexander, “Audiobooks, Print, and Comprehension: What We Know and What We Need to Know”, Educational Psychology Review 2022, 34 (2), p. 677-715; Elisa Tattersall Wallin, “Reading by Listening: Conceptualising Audiobook Practices in the Age of Streaming Subscription services”, Journal of Documentation 2021, 77 (2), p. 432-448.
  9. Werp maar eens een vluchtige blik op de literatuur die ik aan heb gehaald in de voetnoten bij dit blog!
  10. Wischenbart, “Deposing the King of Content”, p. 29.
  11. Moyer, “Audiobooks and E-books”, p. 342-343; Andy Brown, Robert Stevens & Steve Pettife, “Audio Representation of Graphs: A Quick Look”, in: Tony Stockman et al (red.), Proceedings of the 12th International Conference on Auditory Display (Londen, UK June 20 – 23, 2006) (Londen: University of Londen Department of Computer Science, 2006), p. 83-90; Singh & Alexander, “Audiobooks, Print, and Comprehension”, p. 677-715.
  12. Keren Dali & Leah K. Brochu, “The Right to Listen: A Not So Simple Matter of Audiobooks”, Library Resources & Technical Services 2020, 64 (3), p. 106-119.
  13. Moyer, “Audiobooks and E-books”, p. 342.
  14. Verhagen & Sabel, “Uitgeschakeld na een Update”, p. 4-6.
  15. Volker Siebert, “Die Blindheit Homers”, Klinische MonatsblĂ€tter fĂŒr Augenheilkunde 2018, 235 (2), p. 219-222; Homer, The Odyssey: A New Translation, Contexts, Criticism, Introduced and Translated by Emily R. Wilson (New York: W.W. Norton & Company, 2020).
  16. Cristoph BlĂ€si & Franz Rothlauf, On the Interoperability of eBook Formats (Brussels: European and International Booksellers Federation, 2013). Als een interessante terzijde, de literatuur over een unverseel e-boekbestandstype en hun verstandige implementatie gaat verrassend ver terug en is opmerkelijk passioneel, zie bijvoorbeeld: Terence Cavanaugh, “EBooks and Accommodations: Is this the Future of Print Accommodation?”, Teaching Exceptional Children 2002, 35 (2), p. 56-61; Thad McIlroy, “Ebook Formats Are a Mess – Here’s Why”, Learned Publishing 2012, 25 (4), p. 247-250.
  17. Cagatay & Marriott, “Creating eBooks with Accessible Graphics Content”, p. 89; Brown, Stevens & Pettife, “Audio Representation of Graphs”, p. 677-715; Jaroslaw Wiazowski, “Audible Books with Acoustic Illustrations”, Journal of Special Education Technology 2009, 24 (4), p. 60-66.
  18. William H. Walters, “E-books in Academic Libraries: Challenges for Discovery and Access”, Serials Review 2013, 39 (2), p. 97-98.
  19. James Altman, “Taming the Dragon: Effective Use of Dragon Naturally Speaking Speech Recognition Software as an Avenue to Universal Access”, Writing & Pedagogy 2014, 5 (2), p. 333-348.
  20. Paul Harpur & Nicolas Suzor, “The Paradigm Shift in Realising the Right to Read: How eBook Libraries Are Enabling in the University Sector”, Disability & Society 2014, 29 (10), p. 1658-1671; Paul Harpur, Discrimination, Copyright, and Equality: Opening the E-Book for the Print-Disabled (Cambridge: Cambridge University Press, 2017).