We kennen allemaal die ene scĂšne uit avonturenfilms. De charismatische ontdekkingsreiziger, eerbiedwaardige magiĂ«r of nieuwsgierige geheim agent â al of niet vergezeld van een verscheidenheid aan onverschrokken hulpjes en potentiĂ«le romantische partners â bezoekt een archief om een nieuwe aanwijzing te zoeken. En onvermijdelijk, hoewel zelden zonder grote inspanningen, duikt er inderdaad het verslag van een persoon uit het (verre) verleden op â het liefst een familielid of voorouder van een belangrijk personage â dat de exacte informatie bevat die men te weten moest komen.1 Zulke toevalligheden zijn misschien weleens nodig om een film op weg te hebben en vaak dienen ze themaâs omtrent familiebanden, samen leren werken en verantwoordelijk handelen. Maar als we trachten het verleden te begrijpen via daadwerkelijke archieven, leren we vaak net zoveel van wat de documenten en objecten daar ons niet vertellen als wat we er wel uit op kunnen maken. En dezelfde, weinig cinematografische benadering zal ons vandaag van dienst zijn om meer te weten te komen over de Italiaanse stad Florence tijdens de Europese Renaissance.
Het belangrijkste voorbeeld dat we zullen bespreken betreft een groep mensen wiens dagelijkse besognes vaak opvallend afwezig zijn in de documenten waaraan de meesten van ons zullen denken wanneer we het woord âarchiefâ horen: vrouwelijke sekswerkers. Archieven zijn in het algemeen ĂŒberhaupt vaak weinig informatief waar het de ervaringen van vrouwen aangaat. Om alsnog kennis te verwerven over dit soort onderwerpen, moeten we daarom regelmatig bij ons archiefmateriaal tussen de regels door lezen en met een schuin oog in de gaten houden wat er kan zijn weggelaten.2 Maar dankzij zulke inspanningen van gedreven geleerden en andere enthousiaste onderzoekers, hebben we momenteel een aantal methoden tot onze beschikking waarmee we de vele lacunes in de voor ons bewaarde archieven uit het Florence van de Renaissance kunnen omzeilen en toch zicht kunnen krijgen op de wederwaardigheden van de sekswerkers die daar leefden.
Dit blog is ook beschikbaar in het Engels.
Wat overtreden regels ons vertellen
Veel van de pogingen om de handel in seks te reguleren in pre- en vroegmoderne maatschappijen zijn bericht om hun vruchteloosheid. Maar zoals Nicholas Terpstra ons onderrict in zijn uitstekende artikel âSex and the Sacred: Negotiating Spatial and Sensory Boundaries in Renaissance Florenceâ, vertellen zulke regels ons wel iets over de ideeĂ«n en prioriteiten van de regelmakers zĂ©lf.3 Daarenboven kan het bestuderen van dergelijke regels ons indirect een blik vergunnen in het alledaagse bestaan van degenen die bij sekswerk betrokken waren, op een manier die met de meer traditionele archiefonderzoeksmethoden moeilijker is.
Florence is een goed voorbeeld, omdat onze informatie over de juridische en bestuurlijke situatie in die stad redelijk uitgebreid is. We zien dat in de twaalfde eeuw de bestuurders eerst probeerden om sekswerk buiten de stadsmuren te houden. Maar naarmate de eeuwen voortschreden, moesten de regelmakers steeds meer â letterlijk! â terrein prijsgeven aan het zogenoemde oudste beroep ter wereld. Hoewel de maatschappelijke positie van deze vrouwen wel in andere opzichten lijkt te zijn verslechterd.4 Dat gezegd hebbende, het wordt duidelijk dat de eertijdse geografische afbakeningen aan het begin van de zestiende eeuw plaats hebben gemaakt voor regels die zich voornamelijk richten op de zintuigen. Veel van de overgebleven verboden wat betreft de handel in seks betroffen het vrijwaren van bepaalde personen, zoals monniken en nonnen, van het zien en horen van degenen die erbij betrokken waren. En deze praktijk maakt deel uit van een breder palet aan statuten die een vastomlijnde vrede en rust probeerde te borgen voor dergelijke groepen.5 Dit schijnbare achterhoedegevecht van de regelmakers, vertelt ons dat sekwerk nooit helemaal beperkt kon worden tot de daartoe aangewezen plaatsen. Maar we zien ook dat het stigma van sekswerk niet werd weggenomen. En dit stigma kon ook gebruikt worden om andere personen of beroepsgroepen te onderdrukken.
Overdrachtelijke onderdrukkingen
Laat ons eerst kort de maatschappelijke positie van vrouwen in het Florence van de renaissance bespreken.6 Het is interessant dat niet alleen de vrouwen die betrokken waren bij de handel in seks â zij het gedwongen of in zekere mate vrijwillig â in hun bewegingsvrijheid beperkt konden worden door de autoriteiten en andere maatschappelijke structuren. Veel jonge vrouwen werden bijvoorbeeld weggestopt in kloosters als nonnen vanwege de buitensporig hoge kosten van bruidsschatten en de wens van patriarchen om het familiefortuin intact te bewaren voor de volgende generatie. (Althans, voor zover zij niet in een klooster terecht waren gekomen!) En in de periode die we vandaag onder handen nemen, werd Florence in toenemende mate verdeeld in verschillende afgescheiden zones die ook nonnen in hun bewegingen hinderden.7
En de uiterlijke kenmerken van de verachtende bestuurlijke behandeling van sekswerkers konden ook gebruikt worden bij de onderdrukking van andere personen. Om slechts één voorbeeld te noemen, gedurende de zestiende eeuw verplichtte men degenen die het voornoemde oudste beroep uitoefenden om felgele tekenen op hun kleding te dragen. En deze dracht werd ook opgelegd aan de Joodse bevolking van Florence. Ook werden deze mensen gedwongen om te wonen nabij de delen van de stad die toegewezen waren aan de vrouwen die te maken hadden met de handel in seks.8 Met behulp van zulke regels probeerden de autoriteiten van deze Italiaanse stad, naast alle andere beperkingen en achterstellingen die zij in petto hadden, een associatie tussen Joodse personen en de handel in seks te creëren.9 En hier worden we er wederom aan herinnerd dat onverdraagzaamheid meer onverdraagzaamheid voortbrengt, dat diverse vormen van discriminatie vaak met elkaar samenhangen en dat het gevecht tegen onrechtvaardigheid ons allemaal aangaat. Als het al niet vanwege onze universeel gedeelde menselijkheid is, dan toch vanwege het feit dat zelfs degenen die zich op dit moment veilig wanen voor zulke onderdrukking in de toekomst eveneens gestigmatiseerd kunnen worden.10
Conclusie: andere onwaarschijnlijke bronnen
De regelgeving die we vandaag bespraken is natuurlijk niet de enige manier waarop we meer te weten kunnen komen over groepen mensen of beroepen die minder zichtbaar zijn in de documentatie die we meestal met archiefonderzoek associëren. Om ons voorbeeld van sekswerk in de Renaissance voort te zetten: zekere op het oog ongerelateerde teksten over hovelingen en hun eetgewoonten bleken verrassend informatief waar het de toentertijd breed gedeelde ideeën over de handel in seks aangaat.11 Daarom is zulk soort onderzoek ook zelden voor niets. Want we vinden nieuwe feiten over de wereld van het verleden op de meest onwaarschijnlijke plaatsen.
Het is dientengevolge ook vaak nuttig om nogmaals naar bronnen te kijken die reeds door anderen bestudeerd zijn. Want een frisse blik, een andere invalshoek of een nieuwe methodologie kan ons nog meer vertellen dan wat we eerder al op dachten te kunnen maken uit ons onderzoeksmateriaal. Dus zelfs voor een ingevoerde expert, zeg ik volledig onbevooroordeeld, kun het nuttig blijken om een populair-wetenschappelijk blog als Bildungblocks te blijven lezen!

Voetnoten
- Voor deze en andere voorbeelden, alsmede voor de beeldvorming rondom archieven in de populaire cultuur in het algemeen, zie: Karen Buckley, ââThe Truth is in the Red Filesâ: An Overview of Archives in Popular Cultureâ, Archivaria 2008, 33 (66), p. 95-123.
- Zie in het algemeen: Anne J. Gilliland, âForewordâ, in: David Thomas, Simon Fowler & Valerie Johnson (red.), The Silence of the Archive (Londen: Facet Publishing, 2017), p. xvi-xvii. Specifiek voor vrouwen, zie: Simon Fowler, âInappropriate Expectationsâ, in: David Thomas, Simon Fowler & Valerie Johnson (red.), The Silence of the Archive (Londen: Facet Publishing, 2017), p. 46; Kabria Baumgartner, âSearching for Sarah: Black Girlhood, Education, and the Archiveâ, History of Education Quarterly 2020, 60 (1), p. 76.
- Nicholas Terpstra, âSex and the Sacred: Negotiating Spatial and Sensory Boundaries in Renaissance Florenceâ, Radical Historical Review 2015, 41 (121), p. 72.
- Michela Turno, âSex for Sale in Florenceâ, in: Magaly RodrĂguez GarcĂa, Lex Heerma van Voss & Elise van Nederveen Meerkerk (red.), Selling Sex in the City: A Global History of Sex Work, 1600s-2000s (Leiden: Brill 2017), p. 87.
- Peter Howard, âEntrepreneurial Neâer-Do- Wells: Sin and Fear in Renaissance Florence,â Memorie Domenicane 1994, 73 (25), p. 245-258; Terpstra, âSex and the Sacredâ, p. 81.
- Joanne M. Ferraro, âThe Manufacture and Movement of Goodsâ, in: John J. Martin (red.), The Renaissance World (Abbingdon: Routledge, 2007), p. 94; Caroline Castiglione, âMothers and Childrenâ, in: John J. Martin (red.), The Renaissance World (Abbingdon: Routledge, 2007), p. 382.
- Terpstra, âSex and the Sacredâ, p. 72.
- Nicholas S. Davidson, âReligious Minoritiesâ, in: John J. Martin (red.), The Renaissance World (Abbingdon: Routledge, 2007), p. 563; Terpstra, âSex and the Sacredâ, p. 80.
- Voor enkele van deze andere beperkingen en vooroordelen, zie: Davidson, âReligious Minoritiesâ, p. 558-559.
- Robert Sternberg & Karin Sternberg, The Nature of Hate (New York: Cambridge University Press, 2008); Lynn Hunt, Inventing Human Rights: A History (New York: Norton, 2007), p. 29.
- Douglas Biow, âFood: Pietro Aretino and the Art of Conspicuous Consumptionâ, in: John J. Martin (red.), The Renaissance World (Abbingdon: Routledge, 2007), p. 506.